Mid USA dag tot dag


Dag 1 – Zondag 12 september 2010

Weer: Regen in NL, zon in de USA
Doel: Aankomen in Chicago, Illinois
Gereisd: Vliegen naar Chicago, rijden naar Michigan City, 127 km
Hotel: Super 8, €49,58

Vlucht van Dublin naar Chicago

We kunnen thuis inchecken. Dat is fijn, want nu hoeven we maar uiterlijk een uur voor onze vlucht in Brussel te zijn. Hoeven we niet idioot vroeg weg; half 8 is vroeg genoeg. We vertrekken in de regen. Blèh, wat een rotweer! Gelukkig hebben wij goede vooruitzichten.

Om 9 uur zijn we op Zaventem, het vliegveld in Brussel. We geven eerst onze koffers af. Die worden doorgelabeld naar Chicago, hoeven we daar niet meer naar om te kijken. Onze 2 koffers hebben elk exact het toegestane gewicht van 23 kilo. Echt, minder meenemen lukte niet, willen we ook af en toe iets schoons aantrekken. Ik informeer maar vast wat overgewicht kost of een extra koffer op de terugweg. Ja, een mens koopt tenslotte wel eens iets onderweg, of niet dan? Voor 40 piek kunnen we een koffer tot 32 kilo volladen, of een extra koffer tot 23 kilo meenemen. Good to know.


Regen in Nederland

Overstappen in Dublin

We gaan richting onze gate. En da’s maar goed ook, want we moeten een aantal hindernissen nemen, voor we in het vliegtuig kunnen stappen. Eerst de veiligheidscheck. Schoentjes uit, riem af, handbagage op de band. De laptop uit de tas halen en samen met vloeistoffen-in-zak op de band leggen. Zelf mogen we door het scanpoortje lopen.

We moeten naar gate B93 en da’s nog een eindje sjouwen. Bij B38 merkt Andy op dat hij niet denkt dat we nog veel verder kunnen, volgens hem kan hij de zee al zien… Verhip, afslag gemist! Dus sjouwen we weer terug en bij B35 zien we dat we er daar af hadden gemoeten. Om bij B93 te komen, moeten we met het busje. Oké, zolang die ons maar bij een vliegtuig aflevert. Om in het busje te mogen, moeten we hier boarden. We ontvangen een douaneformulier en stappen in. Ons vliegtuig van Air Lingus staat buiten geparkeerd. En wij mogen ook buitenom en via de trap naar binnen. We zitten op rij 7, een rij met 2 stoelen. Good spot!


Dublin Airport

Dublin Airport

We vertrekken op tijd en een uur + 20 minuten later staan we in Dublin. De zon schijnt er. Hoezo, het regent altijd in Ierland? Heb je het weer in Holland gezien vandaag? Na even van de zon te hebben genoten, gaan we op pad voor de volgende vlucht. Om bij onze gate te komen, ondergaan we weer een veiligheidscheck. Dan wacht ons een verrassing:  Amerikaanse douane! Jawel, er zitten hier Amerikaanse beambten. Die nemen onze vingerafdrukken af, maken een fotootje, stellen wat vragen en zetten een stempel in onze paspoort zetten. Apart! Dit neemt wel wat tijd in beslag, dus als we bij onze gate komen, moeten we meteen boarden. Shit, we hebben eigenlijk honger en wilden nog wat te eten kopen. Gelukkig moeten we het douaneformulier nog invullen. Dat moet voordat we aan boord gaan. Dus vul ik het formulier in en koopt Andy snel 2 donuts bij het standje naast de gate. En dat is maar goed ook, want het duurt even voor we wat te eten krijgen.


Chicago O’Hare Airport

Chicago O’Hare Airport

Rond 1 uur gaan we de lucht in en 8 uur later landen we in Chicago. De vlucht gaat prima. We hebben af en toe wat turbulentie, maar volgens Andy doet de piloot dat zelf, om de passagiers rustig en op hun plek te houden. Eten en drinken is wat karig. Ze komen 1x langs met fris en een snack, halverwege krijgen we warm eten. Dat is deze keer chicken of beef. Haha, dat laatste is stiekem gewoon pasta. Andy dacht beef, dus ruilen we… Vlak voor we landen krijgen we nog koffie en een scone. We hebben onze eigen entertainmentschermpjes en kunnen kiezen welke films we willen zien.

Om half 4 plaatselijke tijd landen we in Chicago. Het is hier 7 uur vroeger dan in Nederland. We hoeven niet door de douane, want dat hadden we in Dublin al gedaan. Relaxed! Chicago O’Hare is namelijk 1 van de grootste luchthavens ter wereld en het schijnt hier altijd een gekkenhuis te zijn. Maar niet voor ons. Wij hoeven alleen maar onze koffers van de band te plukken, douaneformulier af te geven en we staan buiten. Wat een feest!


Onze stoere Dodge Nitro

Chicago, baby!

Een shuttlebus brengt ons naar Alamo, voor onze huurauto. We mogen iets leuks uitkiezen in de midsize SUV-klasse. De Dodge Nitro ziet er wel stoer uit. We laden onze spullen in en gaan op pad. Ik heb voor vannacht niks geboekt, want het is nog redelijk vroeg, half 5. We zien dus wel waar we belanden. Gelukkig hebben we weinig last van het spitsuur en we zijn best snel voorbij de stad, via de I-94. Onderweg stoppen we bij een Wal*Mart, waar we inkopen gaan doen. We hebben een koelbox, ijs, drinken en lekkers voor onderweg nodig.

We rijden door tot Michigan City. Dat ligt in Indiana. En zo zijn we op 1 dag in 4 landen en 2 staten geweest. In Michigan City zit een Super 8 Motel en voor €49,58 nemen we een kamer. We hadden al een Denny’s gezien, dus is de keuze voor het eten snel gemaakt. Na het eten organiseer ik de koffers zoals ik altijd doe: 1 koffer voor de komende week, zodat de andere in de auto kan blijven. Om half 10 gaan we slapen.


Dag 2 – Maandag 13 september 2010

Weer: Heerlijk! 23 graden
Doel: Amish, duinen en naar Holland
Gereisd: Michigan City naar Traverse City, 690 km
Hotel: Grand Traverse Motel, €67,-

Michigian City, IN naar Travers City, MI

Hoe kun je je vakantie beter beginnen dan met een ontbijt bij IHOP? Niet! Dus strijken we neer bij het International House Of Pancakes, voor pannenkoeken en eieren. Yumm. Met deze stevige bodem kunnen we on the road again!


We zijn in Amish Country

Een Amish op de fiets, waar…

Eerst rijden we naar de kust van Lake Michigan, met het plan om de Indiana Dunes te vinden. Die vinden we niet, dankzij allerlei wegopbrekingen. Nou, dan niet hoor. Dan nemen we wel de 20 oost, tot aan Elkhart. Vanaf daar begint een scenic drive, de Amish Culture & Crafts Route. Jawel, er wonen hier Amish! En al snel zien we paard & wagens rijden. De omgeving is mooi, een glooiend landschap. Amish mensen fietsen rond of rijden met paard & wagen. We zien waslijnen vol Amish kleding en bij een school zijn de Amish kindertjes net buiten aan het spelen.


Amish schooltje

En overal moet de was drogen

De route eindigt bij Lagrange en daar nemen we de 9 naar het noorden, de grens over naar Michigan. Ja, voor je het weet zijn we de 3e staat van deze vakantie binnengereden. Bij Sturgis slaan we linksaf naar de 12 en bij White Pigeon rechtsaf naar de 131. Die volgen we een tijdje, tot we bij Plainwell naar de 89 en daarna de 40 kunnen.


Holland, Michigan

Met Amsterdamse grachten

Zo komen we in… Holland, Michigan! En in Holland staat een huis molen. Een echte Zaanse. Tenminste, dat zeggen ze; ik heb geen verstand van molens. We volgen de bordjes naar het Holland Park, om vervolgens die molen niet te gaan bekijken. Nee, waarom zouden we entree betalen om naar een molen te kijken, waar we er thuis genoeg van hebben? Precies! Wat we wel doen is een kijkje nemen in het Hollandsch Dorp, aan de 31. Want we komen er toch langs en da’s grotendeels gratis. Hee, we blijven Hollanders!


Met een Magere Brug

En natuurlijk: klompen!

We lopen via de Koninginsweg en de Oranjestraat langs Hollandse huisjes. Ja, ik weet dat het KoninginNEweg is, maar dat weten ze hier blijkbaar niet. We voelen ons niet geroepen om ze te vertellen dat ze een schrijffout hebben gemaakt. Bij de gracht zingen we braaf “Aan die Amsterdamse grachten”. In het winkeltje maken en verkopen ze kaarsen. Hele mooie, die ik nog nooit in Holland heb gezien. En klompen. Gele. Verder verkopen ze tulpenbollen en Delfts Blauw. Er staat een heus draaiorgel op het terrein en we zien allerlei vlaggen van Nederlandse provincies wapperen.


Heel Hollands

Combi Delfts Blauw en KLM Huisjes

Goed, we kwamen hier voor Amerika, niet voor een terugblik op het thuis uit 1920. We vervolgen onze weg over de 31 naar het noorden, tot we bij Manistee naar de 22 kunnen. Dit is een prachtige route langs Lake Michigan en gaat uiteindelijk door de Sleeping Bear Dunes. Daar is ook de Pierce Stocking Drive. Erg mooi. We hebben een schitterend zicht op het gigantische meer en zien nog wat van die duinen.


Lake Michigan

Uitkijkpunt Pierce Stocking Drive

We blijven de 22 volgen tot aan de punt in Northport en zakken dan weer af, richting Traverse City. Het begint langzaam donker te worden en als we in Suttons Bay een b&b zien, lijkt ons dat wel wat. Maar niet voor $110,- excl. tax. Istie nou gek geworden? We hebben niet eens zicht op het meer. Nee, dan rijden we nog wel even door naar Traverse City. Daar vinden we een reasonably priced motel, met aardige eigenaren. Het is het Grand Traverse Motel en een kamer kost ons €67,-.


Die dus

Sleeping Bear Dunes

Voor het eten hebben we zin in makkelijk, dus wordt het McDonalds. Dan komen we erachter dat we in een andere tijdzone zitten en dat het een uur later is dan we dachten. Mooi, dan kunnen we een uur eerder naar bed, want we zijn best moe!


Dag 3 – Dinsdag 14 september 2010

Weer: Mooi maar fris, 12 graden
Doel: Traverse Bay, Mackinaw, Sault Ste Marie
Gereisd: Traverse City naar Newberry, 501 km
Hotel: Gateway Motel, €53,12

Travers City, MI naar Newberry, MI

We beginnen de dag met een ontbijtje bij de Mac. Kan dat? Ja, en da’s best lekker. Dan gaan we het schiereilandje aan de 37 verkennen. We bevinden ons in een fruitteelt gebied. Overal zie je kersen- en appelbomen. De vruchten daarvan worden in stalletjes langs de weg te koop aangeboden. En het is september, dus pompoenentijd! Da’s altijd een mooi gezicht, al die oranje bollen langs de weg.


Old Mission Light

Old Mission Light

De 37 loopt dood. Wat ik Andy vooraf heb verteld. (Ja, dit loopt dood. Ja, we moeten dus dezelfde weg weer terug. Ja, dat was inderdaad de bedoeling.) Zo, krijg je achteraf tenminste geen klachten. Aan het eind van de route staat een vuurtoren, de Old Mission Light. Daar wandelen we wat rond en bewonderen het uitzicht over de Grand Traverse Bay. Als we uitgekeken zijn, nemen we dezelfde weg terug. Told ya.


Grand Traverse Bay

Grand Traverse Bay

Weer in Traverse City slaan we linksaf naar de 31 en die volgen we voor de volgende scenic drive: Cherry Orchards Drive. En ook dat is een mooie route. Hij gaat naar Petoskey en dan verder over de 119 tot Cross Village. Het is hier heerlijk rustig. De bomen beginnen al te verkleuren en we krijgen goede hoop dat dat noordelijker nog spectaculairder zal zijn. Bij Cross Village rijden we een tijdje verkeerd. Maar dat vertel ik dan weer niet. We komen toch uiteindelijk in Levering uit. En van daar kunnen we weer naar de 31 en dan de snelweg op, de I-75.


Appels plukken

En dan langs de weg verkopen

Zo komen we bij de Mackinac Bridge, een gigantische brug waar we $3,50 tol voor moeten betalen. We twijfelen even of we naar Mackinac Island zullen gaan, maar Andy heeft geen zin. Je moet dan namelijk met de pont. De auto mag niet mee en de volgende gaat pas over 1,5 uur of zo. Dus tuffen we lekker door over de snelweg en maken een ommetje naar Sault Ste Marie, aka The Soo. Hier heb je enorm grote sluizen, waar enorm grote vrachtschepen doorheen gaan. We zien nog net een boot uit Groningen, Nederland, door de sluis varen.


Dit is de Mackinac Bridge

Dit was de Mackinac Bridge

De volgende boot laat nog even op zich wachten. Aangezien het hier verdomd koud is, met een erg harde wind, voelen we er weinig voor daar op te wachten.

We rijden een klein stukje terug over de I-75 en nemen dan de 28 west, tot Eckerman. Op naar de volgende bezienswaardigheid aan de 123: Tahquamenon Falls State Park. Ja, ik heb ook geen idee hoe je het uitspreekt. We gaan de Lower Falls bewonderen. En da’s best mooi, al die watervalletjes, waar de zon af en toe op schijnt.


Sluis in Sault Ste Marie

Oet Grunning’n

We maken een mooie wandeling over de loopbrug naar 1 van de watervallen. En vanaf hier zie je ook de andere. Nice.

Okee, weer verder. De 123 zakt weer af naar het zuiden en zo komen we in Newberry uit. Dat lijkt ons een mooi moment om een onderkomen te zoeken. Dat wordt een gezellige, met hout bewerkte kamer in het Gateway Motel, voor slechts €53,12.


Tahquamenon Falls State Park

De Lower Falls

We vragen advies voor het eten en worden naar Timber Charlies gestuurd. Andy vraagt zich af hoe ze zijn biefstuk zó hebben kunnen verknallen en ik heb spijt van mijn keuze voor een pastei. Het zal wel zo horen, maar ik vind het niet echt lekker. Nou ja, niks aan te doen, we zitten in elk geval vol en het kostte ons slechts €25,-.


Dag 4 – Woensdag 15 september 2010

Weer: Overdag 17c, ‘s avonds regen
Doel: Pictured Rocks, Da Yoopers
Gereisd: Newberry naar Copper Harbor, 410 km
Hotel: King Copper Motel, €72,36

Newberry, MI naar Copper Harbor, MI

Aangezien we geen koffiezetter op de kamer hebben, sta ik om 7 uur in het kantoortje voor een vers bakkie. Om half 9 zijn we ready to go. We rijden Newberry uit en bij de kruising naar de 28 zien we een benzinepomp waar een Subway in zit. Mooi! We nemen elk een footlong ontbijtbrood en koffie. Nog even tanken en dan kunnen we echt op pad. Dat tanken doen we best vaak, eigenlijk. Na wat rekenwerk komen we erachter dat onze Dodge Nitro een drankprobleem heeft: 1 op 8. En hij mag er dan stoer uitzien; echt lekker rijdt ‘ie niet, aldus Andy. Maar goed, we moeten het ermee doen.


Even wachten met oversteken

Daar komt de… Vrachtwagen?

Waar waren we? Oh ja, Newberry. En waar willen we naartoe? De 28 naar het westen. We passeren een lange rij treinwagons. Die worden getrokken door een vrachtwagen. Vrachtwagen? Ja hoor, het moet niet gekker worden! Dat moeten we beter zien. Voor het geval we allebei (en tegelijk) zaten te hallucineren. Dus stoppen we een stukje verderop bij een onbewaakte grensovergang. Daar wachten we het gevaarte op. En inderdaad, de wagons worden getrokken door een vrachtwagen. Ongelofelijk.


Pictured Rocks

Met uitzicht over Lake Superior

Als de boel gepasseerd is, gaan wij ook weer verder, tot Shingleton. We maken een uitstapje naar de Pictured Rocks National Lakeshore. Bij Miners Castle bekijken we de prachtig roodgekleurde rotsen aan Lake Superior. Ik klim even naar beneden om vlakbij de rotsformatie te komen die Miners Castle wordt genoemd. Als we weer terug wandelen, groeten we iemand die “Hello again” zegt. Huh, again? Ja, we zijn hem blijkbaar gisteren ook al tegengekomen bij de Lower Falls in het Tahquamenon State Park. Ah.


Sneak Peak

Nice view

Aan de meer verkleurende bomen kunnen we zien dat we een stuk noordelijker zitten. De Fall Foliage is altijd weer schitterend. We vervolgen onze route over de 28, van Munising naar Marquette en Ishpeming. In deze laatste plaats zit Da Yoopers, a Tourist Trap. Buiten op het terrein staan de vreemdste opstellingen met poppen, auto’s en andere voertuigen. Binnen is het inderdaad een toeristenval: één grote souvenirwinkel. We kijken, kijken, maar kopen niks.

Weer verder. De 28 heet inmiddels 41 en een stukje voorbij Nestoria volgen we die omhoog. Bij Houghton gaan we over de grootste liftbrug ter wereld (zegt men), zodat we tot de noordelijkste punt van Michigan kunnen rijden: Copper Harbor. Onderweg passeren we een oude fabriekshal, waarvan de voorkant gewoon open is. Wacht, zien we daar nou 3 muscle cars in staan? Ja zeg! Dat gaan we even van dichtbij bekijken. In die ouwe, duidelijk ongebruikte loods zonder voorgevel staan een Mustang, een Lincoln Mark IV en iets dat op een Ford Torino lijkt. Ze hebben kentekenplaten uit Texas. Er is niemand in de buurt van deze vreemde showroom.


Da Yoopers

A tourist trap

Nou, dan gaan we maar verder. We waren dus op weg naar Copper Harbor. Dat is een charmant kustplaatsje aan Lake Superior. Hoewel het nog vroeg is, half 4, besluiten we hier een motel te nemen. We informeren bij het King Copper Motel, aan het water gelegen. We hebben daarom het idee dat een kamer vast walgelijk duur is. Nou, dat valt alles mee, €72,36, en we hebben een prima kamer voor dat geld. Met… terrasdeuren, zodat we lekker vanuit onze “tuin” naar Lake Superior kunnen kijken. Dus relaxen we lekker buiten met een kopje koffie, genietend van het uitzicht.


Huh? Vreemde showroom

Mooi speelgoed!

Om 5 uur willen we een stukje wandelen. Tot we zien dat het is gaan plenzen. Dat wordt dus de auto. En we gaan maar meteen eten. Een stukje verderop zit een prima restaurant, Harbor Haus. Het blijkt een van oorsprong Duits restaurant te zijn. Dat verklaart waarom de serveersters in Duitse jurkjes rondlopen en waarom er Duitse spreuken aan de wand hangen. Ach ja, niets zo charmant als een spreuk aan de wand. We bestuderen de menukaart. Andy vraagt zich af wat voor soep “split yellow beans” is. Nou, gewoon, gele snert. Hoe zouden ze dat hier uitspreken? Waarschijnlijk als “snurt”. Dat veroorzaakt de slappe lach. Het wordt helemaal feest als de vervelende meneer aan het tafeltje naast ons Pinot Noir besteld. Wij denken dat dat het Surinaamse neefje van Pino uit Sesamstraat is…


Ons terras

Lake Superior

Gelukkig slagen we er toch in iets te bestellen. Andy’s spareribs en mijn tonijn met hazelnotenlaag zijn heerlijk. En het uitzicht over Lake Superior is groots. Live is good. Aangezien het nog steeds regent, kijken we een film op de laptop voor we gaan slapen.


Dag 5 – Donderdag 16 september 2010

Weer: Zonnig en bewolkt, ca. 12 graden
Doel: Porcupine Mountains & andere auto
Gereisd: Copper Harbor naar Ely, 696 km
Hotel: Super 8, €77,21

Copper Harbor naar Ely, MN

Als we wakker worden, zien we dat de zon haar uiterste best doet om te winnen van de donkere wolken boven het meer. En dat lukt aardig, gelukkig. Voor het ontbijt zien we vlak om de hoek een diner, waar een alleraardigste dame ons voorziet van koffie, eieren, hash browns, ham, bacon en toast. Zo, nou kunnen we er wel even tegen!

We verlaten het noordelijkste puntje van Michigan via de mooie kustweg over de 26. Bij Phoenix gaan we de 41 weer op, tot aan Houghton. We zwaaien nog een keer naar de 3 stoere auto’s. Vlak voor Hancock & Houghton stoppen we bovenop een berg, voor een prachtig uitzicht op het dal en de brug waar we gisteren al overheen reden. En daar moeten we vandaag weer over, om naar de 26 te kunnen.


De grootste liftbrug ter wereld

Uitzicht over Hancock – Houghton

Ons eerste doel van vandaag zijn de Porcupine Mountains. Da’s een mooi bos aan de kust, met prachtig verkleurende bomen. En het is een State Park. We rijden naar het Lake of the Clouds, waar we $8,- entree betalen. Als we zijn uitgekeken bij het meertje, nemen we de southbound drive door de rest van dit park. Mooi hier! Via wat binnenweggetjes komen we uiteindelijk bij Ironwood en da’s de grens met Wisconsin. In Wisconsin doen we niet zoveel, behalve de 2 naar het westen volgen, tot we in Duluth uitkomen. En dat ligt dan weer in Minnesota.


Lake of the Clouds

Porcupine Mountains

Hier hebben we een nieuw doel bedacht: we willen een andere auto! We zijn de Nitro helemaal beu, met z’n gezuip, gewiebel en niet-fijne stoelen. In Duluth zit een internationaal vliegveld en we hopen een Alamo-vestiging. Die zit er. Nu hopen dat we de auto kunnen omruilen. En dat kan. Een vriendelijke dame begrijpt ons punt en geeft ons de sleutels van een Hyundai Santa Fé. Niet de mooiste, maar al snel blijkt deze veel fijner te rijden. Meer bergruimte en volgens de Alamo-dame zuiniger in verbruik. Dat klopt ook; deze verbruikt 1:11 ipv de 1:8 van de Nitro. Zo zie je maar weer dat looks ook niet alles is. Dus laden we onze spullen over en gaan weer vrolijk op pad.


Ziezo, een andere auto

Duluth & de brug

We rijden weer terug naar de stad en stoppen dan gauw bovenaan een berg, want het uitzicht op de stad (Duluth dus) beneden ons is magnifiek. Via de I-35 komen we op de 61 en daar begint een nieuwe scenic route: North Shore Scenic Drive. Die gaat langs Lake Superior omhoog richting Canada. We stoppen in Two Harbors, om naar de vuurtoren te kijken. Verder genieten we van de mooie route langs de kust.


Two Harbours Lighthouse

Two Harbours

In Ilgen City slaan we linksaf. Want als we nog verder doorrijden, zitten we dus in Canada. En dat willen we (nog) niet. We volgen de 1 door de bossen en over de heuvels, tot we om een uur of 7 in Ely aankomen. Daar zien we een Super 8, dus hebben we ons bed voor vanavond gevonden, voor €77,21. We krijgen een coupon voor eten in het Ely Steakhouse en daar bestellen we steak & vis. De bediening is niet hoe we dat gewend zijn in Amerika: het duurt allemaal nogal lang. Maar er komt toch een punt dat we vol zitten, betaald hebben en weer buiten staan.


Dag 6 – Vrijdag 17 september 2010

Weer: Frisjes en 12 graden
Doel: Voyageur NP en Canada
Gereisd: Ely naar Kenora, 443 km
Hotel: Travelodge, €101,54

Ely, MN naar Kenora, Canada

Vanochtend gaan we voor gemak en nemen het continental breakfast van Super 8. En zo zitten we al om 9 uur in de auto. We nemen de 1 west en de 53 noord, zodat we naar Voyageurs National Park kunnen. Bij het Ash Rivers Visitor Center banjeren we wat rond. Voyageur bestaat vooral uit water en de beste manier om het park te verkennen is dan ook vanaf het water. Wij zijn niet zo van die watermensen. En we hebben geen boot. En we hebben het koud. Dus zijn we redelijk snel uitgekeken. De toegang tot het park was trouwens gratis.


Voyageurs National Park

Voyageurs National Park

We gaan weer terug naar de 53 en zien onderweg een wolf de weg oversteken. Da’s best cool! In International Falls proberen we de grensovergang naar Canada te vinden. Da’s best lastig! Wij hadden tenminste niet verwacht dat we over een fabrieksterrein zouden moeten en 3x een spoor zouden moeten kruisen. Maar dat is toch echt de bedoeling, willen we in Canada uitkomen. Als we dan toch bij het grenshokje zijn, laten we onze paspoorten zien. We vertellen wat we komen doen, hoe lang we dat gaan doen, dat we niemand kennen in Canada en nee, we hebben geen wapens meegenomen. Mooi. Of we even willen parkeren en het kantoortje binnen gaan. Oh, oké.


Voyageurs National Park

Grensovergang naar Canada

Het is er best druk, dus moeten we even wachten. Maar na 10 minuten of zo zijn we aan de beurt. Een aardige beambte stelt zo’n beetje dezelfde vragen als die van net. Ik vraag of het mooi is in dit deel van Canada. Dat wil hij niet zeggen, dat moeten we zelf maar bepalen. Nou, geef ons een stempel in onze paspoorten en we gaan kijken! Die krijgen we en dus zijn we officieel toegelaten tot Ontario, Canada.

Eén van de eerste dingen die we zien in Canada is… Tim Hortons! Ha, lekkere koffie en bagels, dat willen we wel! Dan nemen we de 71 naar het noorden, richting Kenora. En we kunnen de beambte verzekeren dat het hier mooi is. De 71 loopt door een gebied met allemaal meertjes, bergen, rotsen en bomen. Precies de omgeving waar ik van hou!


Hebtie gewoon zijn eigen meer!

Mooi toch?!

In Canada meten ze in kilometers en zo weten we dat deze route ongeveer 200 kilometer lang is. Da’s dan 200 kilometer genieten.

Om half 5 komen we in Kenora aan, een drukke, gezellige stad. We rijden eerst naar een Super 8, maar vinden 120 Canadese dollars een beetje duur voor een kamer. Dus rijden we terug naar de Travelodge die we eerder zagen, want die is over het algemeen iets voordeliger. En dat klopt, scheelt een hele Canadese dollar… En er komt nog belasting bij, dus komt de kamer op CAD 134,47, oftewel €101,54. Hmm, nou ja, we moeten toch ergens slapen.


Leuke plaats, Kenora

En gezellig aan het water

Andy heeft geen zin meer om auto te rijden, dus is de keus voor het avondeten de Mac of KFC. In beiden hebben we geen zin, dus wordt het de Mac. Ik neem voor de verandering een ceasar salad met kip en die smaakt eigenlijk best lekker. We kijken nog een film op de laptop en doen dan de oogjes dicht.


Dag 7 – Zaterdag 18 september 2010

Weer: Zonnig maar fris, 11 graden
Doel: Mennonites en terug naar de US
Gereisd: Kenora naar Grand Rapids, 497 km
Hotel: AmericInn, €73,46

Kenora, Canada naar Grand Rapids, MN

Voor het ontbijt gaan we natuurlijk naar Tim Hortons. We kopen er ook meteen een doos donuts voor onderweg. Vanuit Kenora volgen we de 17 naar het westen, tot we bij de grens met Manitoba komen. Da’s een Canadese provincie, net zoals Ontario waar we vandaan komen. In Manitoba wordt de 17 de 1 en wordt het landschap uitgestrekt, met nauwelijks verkeer en met veel bomen. Ongeveer 30 kilometer voor de hoofdstad van Manitoba, Winnipeg, slaan we linksaf, terug richting Amerika.


Mennonite Heritage Village

C Andy Shop

We komen langs de plaats Steinbach en daar zit het Mennonite Heritage Village. Laten we daar eens gaan kijken. Dat kan na betaling van CAD 10,- pp. Het Mennonite Heritage Village laat zien hoe de Mennonieten in Canada terecht kwamen. Vanuit Nederland. En hoe ze leefden in The Old Days. Op het terrein staan verschillende gebouwen, zoals een school, kerk, smidse, winkel, grote Hollandse molen en huizen. In 2 grote loodsen staat een verzameling van oude auto’s en trekkers. En natuurlijk zien we vee. Best aardig.


Kijkje in het museum

Nou, en zo leefden ze

Als we genoeg geschiedenis tot ons hebben genomen, volgen we de 12 naar het zuiden. De grens met Amerika is bij Warroad. We laten braaf onze paspoorten zien, beantwoorden een paar vragen as usual, laten de huurpapieren van de auto zien en mogen dan parkeren en naar binnen. Weer voor een stempel? Nee, voor een kruisverhoor, terwijl een andere beambte onze auto in de garage zet en ‘m van onder tot boven checkt. Dat is nieuw voor ons en al gauw blijkt: niet grappig! Wat komen we doen? Wat moesten we in Canada? Hoe lang blijven we in Amerika?

Wat komen we doen (nog maar een keer, kijken of we dezelfde antwoorden geven)? Waarom gaan we zo vaak naar Amerika? Hebben we hier familie wonen? Waar betalen we dat van? Wat voor werk doen we, hoeveel geld hebben we bij ons? Ik leg uit dat we in NL vakantiegeld krijgen bovenop ons salaris. Vindt de strenge dame maar raar. Wat moesten we in Canada? Hebben we een huurauto? Waar leveren we die weer in? Waar zijn we aangekomen? Het mapje met papieren dat ik in mijn hand heb, wordt uitgebreid bekeken, elk papiertje dat erin zit. Er zitten ook wat oude foto’s in en we mogen uitleggen wie dat allemaal zijn.


De boerderie

En weer die molen

Ondertussen komt de man die onze auto doorsnuffelt met Andy’s pillendoosje aan. Die zit in zijn tas in de auto. Gelukkig hebben we een medicijnenpaspoort bij ons, dus kunnen we verklaren wat elk pilletje is. Eindelijk, na iets van 3 kwartier, zijn ze tevreden. We krijgen de paspoorten en de autosleutel terug en mogen gaan. Tjee, dit hebben we nog nooit meegemaakt! We hebben toch al vaker een uitstapje over de (Canadese) grens gemaakt. Maar als dit in het vervolg altijd zo moet, bedenken we ons nog wel eens voor we dat weer doen! Ik vind het wel knap dat Andy zo rustig is gebleven. Was ook niet zo moeilijk, want die zat ‘m best te knijpen vanwege de illegale speelfilms op z’n telefoon en laptop…


Landbouwtuig. Werktuig

De garage

Goed, het kost blijkbaar even wat moeite en overtuigingskracht, maar we zijn dan toch terug in de States. We volgen de weg tot aan Baudette, waar we afslaan naar de 72. We hebben 60 mijl door niemandsland voor de boeg. Maar eerst: tanken. Omdat de benzine in Canada aanzienlijk duurder is dan in Amerika, staan we nu bijna droog. In Canada kost een liter CAD 1,04, in Amerika een gallon USD 2,85. Zegt u niks? Oh. Nou, een liter in Canada kost 79 eurocent, een liter in Amerika 59 eurocent. En in Nederland 150 eurocent…. Ja, Nederland is duur!


Verleidelijk om deze te nemen

…en ermee weg te rijden

Naast de pomp zit een Subway. Daar kopen we broodjes, die we verderop naast het spoor, op een landweggetje, opeten. Toevallig komt er net een trein aan. Die heeft maar liefst 110 wagons achter zich hangen (we hebben ze geteld). Terwijl we dat staan te filmen, vraagt de douaneman in de auto voor ons zich af wat we in vredesnaam aan het doen zijn. Vinden we treinen zó leuk of hebben we er nog nooit 1 gezien? We vertellen dat ze bij ons niet van die lange hebben. Ah, vandaar. Even later stopt een oud opaatje, die ons al 4x voorbij is gereden. Hij vraagt zich af of alles goed is, of dat we misschien hulp nodig hebben? Everything is fine, thanks for asking.


De Amerikaans-Canadese grens

Ook verleidelijk: omdraaien

We gaan maar weer verder, voor wijzelf een bezienswaardigheid worden. In Shooks houdt de weg op en slaan wij linksaf naar Effie. We komen iets meer in de bewoonde wereld. Motels zijn er echter niet te bekennen, dus rijden we nog maar even door. En dat doen we over een scenic route: The Edge of the Wilderness. ‘t Is hier best mooi! Aan het einde van de route ligt Grand Rapids. Da’s een redelijke plaats met genoeg motels. De Super 8 heeft geen kamers meer vrij, maar de AmericInn even verderop wel. Voor € 73,46 hebben we een uitstekende kamer.


Zijn we toch terug in de US

Hele lange trein

Voor het avondeten gaan we naar Sammy’s, waar ze pizza verkopen en een dom wicht ons bedient. Als we nog maar amper in de menukaart hebben kunnen kijken, wil ze al weten wat we willen. Nou, als we eerst even mogen kijken…? Oké, dan laat ze ons toch gewoon wachten? Grmbl. Als ze eindelijk terug komt, bestel ik en wil ze meteen weglopen. Hoho, Andy wil ook graag wat! Na nog eens 20 minuten wachten krijgen we onze pizza’s. We wensen onszelf maar smakelijk eten, want het mokkel doet dat niet. Gelukkig smaken de pizza’s prima. Andy & ik kibbelen over de fooi en komen op ongeveer 17% uit (wat ik nog steeds veel te veel vind voor het domme wicht, maar goed). Terug naar ons motel, spullen uitladen en dan is het opeens al half 10, bedtijd.


Dag 8 – Zondag 19 september 2010

Weer: Prima, 18 graden
Doel: Mall of America
Gereisd: Grand Rapids naar La Crosse, 585 km
Hotel: Howard Johnson, €65,33

Grand Rapids, MN naar La Crosse, WI

We besluiten om eerst het ontbijt van het hotel te checken. Wauw, voor een continental breakfast! Er is namelijk erg veel keus: gebakken ei, sausages, french toast, bagels, geroosterd brood, fruit, enz. Dat gaat er bij ons wel in en we zitten goed vol. Dus kunnen we op pad.


Minneapolis, Minnesota

Mall of America in Minneapolis

We nemen de 169 naar het zuiden, waar we het grootste deel van de scenic drive Great River Road volgen. De route is leuk, maar niet superleuk. Wel aardig, dus. Er valt ook niet zoveel te beleven onderweg. Dus tuffen we de totaal 340 km door naar Minneapolis. Daar loods ik ons dwars door de stad, naar de Mall of America. Da’s het grootste overdekte winkelcentrum van Amerika: 500 winkels, een aquarium en een compleet pretpark. In het pand passen 32 Boeing 747’s… Ongelofelijk en onvoorstelbaar, vooral het pretparkdeel.

Er zijn rollercoasters waar ik niet in durf. We vermaken ons er ruim een uur. We zijn niet echt in the mood for shopping en het enige dat we kopen is een Whopper bij Burger King en een Frappuccino bij Starbucks. Goed hè?!

Vanuit Minneapolis zoeken we de 61 op, het vervolg van de eerder genoemde scenic drive. Nu wordt het spectaculairder. We volgen de rivier de Mississippi, rijden over bergen, langs rotsen en bomen. Mooi!


Nordstrom in de Mall

Nou, bedankt

We zien verder weinig aanleiding om ergens te stoppen, dus rijden we lekker door tot net in Wisconsin, tot de plaats La Crosse. Daar nemen we voor €65,33 een kamer bij Howard Johnson en eten pizza bij de buren, Pizzahut.


Dag 9 – Maandag 20 september 2010

Weer: Heet! Van 12 naar 32 graden
Doel: Talasien by FL Wright en Iowa
Gereisd: La Crosse naar Clinton, 523 km
Hotel: Super 8, €52,56

La Crosse, WI naar Clinton, IA

Het makkelijke ontbijten in het hotel bevalt ons wel, dus gaan we weer voor bagels met roomkaas en een eitje erbij. Zitten we mooi om half 9 al in de auto, voor een tripje door de staat Wisconsin. Eerst gaan we een flink stuk over de snelweg I-90 naar het oosten. We slaan af naar de 12 richting Baraboo en daar zit een… outlet center! Yeah, shoppen! Dat wil zeggen, Andy koopt nieuwe schoenen.


Talasien, by F.L. Wright

Leuk optrekje wel

Vanaf Baraboo zakken we verder af naar het zuiden, tot de 60. Da’s een nieuwe scenic drive: Wisconsin River. Bij Spring Green gaan we naar de 23, op weg naar 2 huizen van Frank Lloyd Wright. Dat is een beroemde architect, wiens werk ik wel kan waarderen. Hij is hier opgegroeid en heeft hier 2 huizen ontworpen. In één daarvan heeft hij zelf gewoon en gewerkt. Dit ontwerp heet Talasien. Er is een Visitor Center, waar we eerst naartoe gaan. Het blijkt dat je vanaf hier verondersteld wordt een shuttle bus te nemen. Da’s niet goedkoop en de volgende gaat pas over 1,5 uur. Daar willen we niet op wachten. Weet je, we rijden er zelf wel even naartoe, geen probleem.


Langs de Mississippi

Route Great River Road

Als we bij het huis zijn aangekomen, ziet het er niet naar uit dat het de bedoeling is dat je zelf even gaat. Ach, gewoon parkeren en vrolijk rondkijken en net doen of het zo hoort! Andy vindt er geen bal aan. Nou, dan gaan we toch gewoon weer verder? Terug naar de 60 dan maar, voor het vervolg van de scenic drive. ‘t Is niet echt een hele spannende en we vinden het niet vervelend om Wisconsin te verlaten en Iowa binnen te rijden. Hier volgen we weer de Great River Road. We zijn verbaasd over de mooie omgeving. Het lijkt hier een beetje op Zuid Duitsland, met enorme maïsvelden, bergen en bergweggetjes. Prachtig! En dat terwijl ik had gedacht dat Iowa de meest saaie staat zou zijn deze vakantie.


En dan zijn we in Iowa

Dat best op Zuid Duitsland lijkt

We volgen deze route tot Clinton. De plaats, niet de voormalige president. Dan is het bijna 5 uur, dus tijd om een motel te zoeken. Kijk, daar zit een Super 8, voor €52,56. En verderop zien we Applebee’s. Wij houden wel van Applebee’s! Daar hebben ze heerlijk eten, voor een eerlijke prijs. Als we vol & voldaan zijn, gaan we naar de Wal*Mart. Daar gaan we los met kleding kopen voor Andy. Vier spijkerbroeken en 4 T-shirts voor €80,- is geen geld, toch?! Na Wal*Mart gaan we terug naar ons motel. We hangen nog een beetje buiten rond en krijgen gezelschap van een hele aardige man uit Wisconsin. We zitten een behoorlijke tijd te kletsen en dan is het zomaar 10 uur: bedtijd!


Dag 10 – Dinsdag 21 september 2010

Weer: Ochtend goed, middag noodweer
Doel: Iowa 80 & motor museum
Gereisd: Clinton naar Fairfield, 485 km
Hotel: Super 8, €28,30

Clinton, IA naar Fairfield, IA

Vandaag willen we wel bij Denny’s ontbijten. Er zit geen Denny’s in Clinton. Oh, Applebee’s! Die gaat om 11 uur open. Burger King dan maar? Tja, doe maar. Bad choice! Ze vergeten mijn pannenkoeken bij mijn pannenkoekenontbijtje. Vrij essentieel onderdeel. De koffie is niet lekker en Andy’s ontbijt-ciabatta maar zozo. Dus gaan we maar gauw op pad.


Truckstop Iowa 80

Souvenir- en onderdelen shop

We vervolgen de Great River Road naar het zuiden. Bij Davenport gaan we de I-80 op, tot afslag 284. Want daar zit de grootste truckstop van de wereld: de Iowa 80. Er is plaats voor 800 vrachtwagens, er is een truckmuseum en een enorm gebouw met een souvenir shop, truckonderdelen shop, restaurant en showtrucks. En verder alles voor de vrachtwagenchauffeur: douches, wasmachines, relaxruimtes, enz. Indrukwekkend!


Motormuseum in Anamosa

Erg leuk om rond te struinen

Voor het vervolg van onze route gaan we een stukje terug over de I-80, tot de afslag naar de 61 noord. Bij Maquekota gaan we naar de 64 west, tot Anamosa. Daar zit het National Motorcycle Museum. Voor $8,- pp mogen we de grote verzameling motoren bewonderen. En er staat mooi spul tussen! Andy vindt het vooral leuk om 3 motoren te zien die hij vroeger heeft gehad en die nu klassiekers blijken te zijn.


Deze heeft Andy gehad

Bijzonder modelletje

Het is nogal warm buiten, graadje of 28 al. Maar niet voor lang… In de buurt van Cedar Rapids wordt de lucht opeens erg zwart. Het is nog maar half 2, te vroeg om al donker te worden. En jawel, als we voorbij Cedar Rapids zijn, breekt de pleuris uit. We komen in een zware regenbui terecht en worden bijgelicht door onweer. We zien nauwelijks de auto voor ons. Dat noemen ze hier een thunderstorm. En die gaat over in heavy showers: het blijft regenen. De temperatuur is bijna 10 graden gedaald: van 28 naar 18. Het is niet bepaald fijn rijden in dit weer.


Oh oh…

Yup, daar heb je het al

Dus zoeken we in Fairfield een motel en dat is weer eens een Super 8. Tja, en verder regent het dus. Hard. En het onweert. Niet echt weer om er nog op uit te gaan. Dus zijn we voor het eten tevreden met een burger bij Burger King. Da’s beter dan een ontbijt bij Burger King. Omdat het dus regent blijven we verder binnen. We kijken een film op de laptop en gaan dan lekker slapen.


Dag 11 – Woensdag 22 september 2010

Weer: Warm en droog, 29 graden
Doel: Toeren door Missouri
Gereisd: Fairfield naar Poplar Bluff, MO, 690 km
Hotel: Super 8, €54,96

Fairfield, IA naar Poplar Bluff, MO

Als we koud de ogen open hebben, worden we opgeschrikt door een enorm kabaal. Ik kijk uit het raam en zie een groep bouwvakkers onder ons raam staan. Die zijn net bezig om een zooi kabels en materiaal het dak op te werken. Langs ons raam. Ze gaan vandaag namelijk eens fijn het dak vernieuwen. Precies boven onze kamer. Dus wordt er flink getimmerd en rondgestampt. Pal boven ons hoofd. Leuk, om half 8 ‘s ochtends! Als we ons beklag doen bij de receptie, blijkt dat ze ons a) die kamer niet hadden moeten geven, vanwege de geplande werkzaamheden en b) dat ze eigenlijk niet hadden verwacht dat de werklui vandaag het dak op gingen, want het regent. Boeit ons niet zoveel, wij zijn alles behalve amused. Na wat aandringen en onderhandelen krijgen we 50% korting op onze overnachting. Die kost ons nu €28,30. Kijk, da’s netjes afgehandeld!

We hebben onszelf ontbijt beloofd in het Fairfield Family Restaurant. Alleen jammer dat die out of business is. Ach, dan doen we maar weer eens Subway. We worden geholpen door een alleraardigst wicht, waarvan we denken dat haar vader ook haar opa is…


We steken weer de Mississippi over

De volgende staat: Missouri

In Fairfield gaan we naar de 1 Zuid, om een deel van de route van gisteren weer op te pikken. Nu met zon in plaats van een wolkbreuk. En die route heet nu de Woodlands Scenic Byway. Wij rijden ‘m van Bentonsport tot Farmington. We zien bordjes die zeggen dat we de weg moeten delen met paard & wagens. We zien alleen geen paard & wagens. Wat hier opvalt, is dat de huizen van steen zijn. Da’s apart in Amerika, want de meeste huizen zijn houtbouw. De dorpjes hier hebben een geasfalteerde doorgaande weg, de andere weggetjes zijn van gravel.

We tuffen nog even vrolijk door over de 2 tot aan Fort Madison. Daar naar de 61 en naar Keokuk en dan zitten we in het uiterste zuidoostelijke puntje van Iowa. En hier houdt Iowa op, dus slaan we maar linksaf naar Illinois, voor nog een stukje Great River Road. Dit is niet het handigste en/of mooiste stuk. Bij Quincy wordt de route ook nog eens onduidelijk. Nou, dan slaan we toch gewoon weer af, naar Hannibal. En dan zijn we zomaar in Missouri, de thuisstaat van onze auto.

Onder Hannibal begint de 19 en die gaan we eens fijn tot bijna helemaal onderin Missouri volgen. Het 1e stuk tot Hermann is, tja, saai. Van Hermann tot Salem is het iets aardiger. Maar van Salem naar Winona is het een mooie route, gelukkig. Dat deel is dan ook een scenic byway en heet Missouri Ozarks. Het is hier behoorlijk heuvelachtig. We rijden door bossen, die nog gewoon groen zijn. Fall Foliage is hier duidelijk nog niet doorgedrongen.


Saaie route

Iets minder saai

Het meest spannende van vandaag is dat we overstekende schildpadden zien. Overstekende schildpadden? Ja, serieus! Nou ja, dat wil zeggen, we zien er 2 oversteken. De 3e heeft het niet gehaald. Te langzaam…

In Winona aangekomen slaan we maar weer eens linksaf, naar de 60. Da’s een soort van snelweg en dat vindt Andy wel weer eens fijn, na 365 kilometer over de 2-baans, slingerende 19 te hebben gereden. Bij Poplar Bluff houden we het voor gezien. We nemen voor €54,96 een kamer in de Super 8. Dan rijden we door het stadje en kijken wat er te eten valt. Connors Steak & Grill lijkt ons wel wat. En dat blijkt een uitstekende keuze te zijn! Het is zo’n steakhouse waar je een emmer pinda’s krijgt, waarvan je de doppen op de vloer gooit. Andy zet zich vol overgave aan deze taak. We nemen pork chops (karbonaadjes) en loaded chicken (kip met een laagje erop). Dat smaakt heerlijk, voor slechts $30,- ($37,- incl. fooi).

Als we teveel gegeten hebben, gaan we terug naar ons motel. We installeren onze zooi op de kamer. Andy kijkt eens uit het raam. Daar zit een kikkertje op. Op het raam. Aan de buitenkant. We zitten 2-hoog… Voor we er erg in hebben is het alweer 10 uur. Slapen!


Dag 12 – Donderdag 23 september 2010

Weer: Heet! 36 graden
Doel: Graceland & nieuwe auto
Gereisd: Poplar Bluff naar Clarksdale, 443 km
Hotel: Comfort Inn, €74,53

Poplar Bluff, MO naar Clarksdale, MS

Goed, waar waren we? Oh ja, in Poplar Bluff, Missouri. En we zijn onderweg naar Memphis, Tennessee. Omdat we niet te laat op pad willen, maken we gebruik van het Superstart Breakfast in ons motel. En die is behoorlijk uitgebreid, voor Amerikaanse begrippen. We zitten dus al op tijd in de auto, om kwart voor negen. We gaan verder over de 60 naar het oosten, tot aan Sikeston. Daar zit een outlet center. Niet zo’n grote en behalve een armband voor Janneke vinden we er nada.


Katoen-seizoen

Zo ziet katoen eruit

Dan maar richting Memphis. Eerst over de 55 naar het zuiden, tot we in de staat Arkansas aankomen. Daar gaan we parallel aan de 55 rijden, om weer een stuk van de Great River Road te volgen. Al gauw rijden we midden tussen de katoenvelden. Het is oogsttijd, wat betekent dat het katoen in vol ornaat op de velden pronkt. En dat is een prachtig gezicht. Als de zon erop schijnt, lijken het wel enorme zilveren velden. Af en toe zien we een heus plantagehuis en met een voornamelijk Afro-Amerikaanse bevolking wanen we ons een beetje in The Old Days.


The mighty Mississippi River

Onze nieuwe bolide

Zo toeren we lekker door, tot we Memphis binnenrijden. Dat is in Tennessee. We hebben niet echt een goede kaart van deze stad, dus stoppen we eerst bij een Welcome Center. Daar vragen we wat informatie. We nemen een plattegrond mee en willen dan de stad in rijden. Blijkbaar is onze Santa Fé het daar niet mee eens, want die laat opeens een afschuwelijk geluid horen. Een geluid alsof de as op het punt staat te breken ofzo. Change of plans: we gaan eerst maar naar het vliegveld, want da’s een internationale en daar zit vast wel een Alamo. Dit klinkt namelijk niet best!

Het lawaai wordt steeds erger en volgens Andy rijdt de wagen ook opeens vreemd. Gelukkig is het vliegveld niet ver. Bij Alamo aangekomen kunnen we de Santa Fé omruilen voor een witte Ford Edge. Ook leuk. Dus laden we onze spullen voor de 2e keer over in een andere auto. Auto no. 3 deze vakantie. De Edge is een mooie, ruime wagen en hij klinkt normaal. Zo, kunnen we eindelijk verder. Aangezien we toch in de buurt zijn, gaan we maar eens een kijkje nemen bij Graceland. We’re going to Graceland, Graceland, tudutududu tududu.


Achterkant van het huis

Binnen gluren

We zijn zo stom om op het terrein te parkeren, á $10,-. Stom, want naast Graceland is een klein winkelcentrum waar je gratis kunt parkeren. Da’s ongeveer een minuutje lopen… Maar goed, je weet ook niet alles van tevoren. Bij de kaartjeskiosk kopen we kaartjes voor de Platinum Tour, voor $34,- pp. Met deze toer zien we het huis van Elvis, het automuseum, de vliegtuigen en nog wat dingen. Maar eerst het huis. Dat ligt aan de overkant en je kunt er alleen naartoe met een shuttle busje. Dus willen we in het busje stappen. Dat mag niet met een videocamera. Dus moet Andy eerst zijn camera in een kluisje stoppen (mopperdemopper).


Verjaardagskado uit Nederland

Het Presley-kerkhof

We krijgen een audiokastje met koptelefoon, zodat we kunnen luisteren naar wat we zien. Het huis is prachtig en kleiner dan we hadden verwacht. We worden langs alle kamers geleid en daarna lopen we de tuin in. Daar is een museum met kleding, filmposters, gouden en platinum platen, enz. De route door de tuin eindigt bij het kerkhofje. Hier liggen Elvis, zijn ouders en zijn oma begraven. Dat had ik niet helemaal verwacht en het is best een rare gewaarwording, dat je naar het graf van deze beroemdheid staat te kijken.


Pick your suit

Priscilla’s trouwjurk

Als we uitgekeken zijn, stappen we weer een busje in en gaan terug naar de kermis die Graceland heet. Eerst bewonderen we Elvis’ speelgoedjes in het automuseum. Die man wist echt niet wat hij met z’n geld moest doen, volgens ons. We wandelen door wat souvenir winkels en gaan dan naar de 50’s diner. Andy bestelt Elvis’ favoriete snack: een geroosterd broodje met pindakaas en banaan. Hij vindt het verrassend lekker. Ik hou niet van pindakaas, dus neem ik een burger met frietjes. We eten alles tot de laatste kruimel op, want uiteraard is het eten hier behoorlijk overpriced.


Awards & reclames

Dus dat.

Zo, nu gaan we eens een kijkje bij de vliegtuigen nemen. De grote heet Lisa Marie, naar zijn enige kind. Zij is de ex van o.a. Nicolas Cage en Michael Jackson. Maar dat wist Elvis toen nog niet. Wel dat het zijn kind was, maar niet van die exen. Het kleine vliegtuig heet de Hound Dog (want er is nothing like a hound dog). We wandelen door de Lisa Marie. Daarna gluren we nog even bij de Fashion Show, wat gewoon een souvenirwinkel blijkt te zijn, en houden het dan voor gezien. Het is inmiddels al half 6.


Vliegtuigcollectie

De Lisa Marie

Waar zullen we eens gaan slapen vannacht? Nou, we zijn 8 mijl van de staat Mississippi verwijderd, we liggen 2 dagen voor op ons schema, dus waarom rijden we niet een stukje naar het zuiden? Kunnen we Mississippi ook toevoegen aan onze lijst van bezochte staten. Gaan we morgen wel weer terug naar Memphis, voor Beale Street. We volgen de 61 naar het zuiden, tot Clarksdale. Daar ligt de beroemde Crossroad.


We’re going to Graceland, Graceland

Het huis van Elvis

Volgens de legende verkocht gitarist Robert Johnson zijn ziel aan de duivel, om de beste bluesgitarist ter wereld te worden. Hij zou op een nacht naar een kruispunt zijn gegaan om daar gitaar te gaan spelen. Om middernacht zou hij benaderd zijn door een grote, donkere man (de duivel), die hem zijn instrument afpakte. Hij stemde het voor hem en gaf het in ruil voor zijn ziel aan hem terug. Daarna kon Robert het instrument perfect bespelen. Dat kruispunt, mijn vrienden, is waar de 61 de 49 kruist en wordt The Crossroads genoemd.


Door de staat Mississippi toeren

Watch for the Devil…

We zijn dus in Clarksdale. Daar nemen we een afslag te vroeg, waardoor we even moeten zoeken naar de straat waar de motels verstopt zitten. Dat lukt niet zo goed, dus ga ik maar eens vragen bij een benzinepomp. Oei, wat voel ik me blond hier… Na wat aanwijzingen vinden we een Comfort Inn, voor €74,53. Tegenover zit een Wendy’s. Daar eten we een vierkante burger en een salade. Dan gaan we de hitte van vandaag eens lekker afspoelen; het was maar liefst 36 graden! Gelukkig waaide het wel wat en is het een droge hitte, want anders was het niet echt uit te houden.


Dag 13 – Vrijdag 24 september 2010

Weer: Warm en wat regen, 31c
Doel: Memphis en Gibson Guitars
Gereisd: Clarksdale naar Brownsville, 525 km
Hotel: Comfort Inn, €78,46

Clarksdale, MS naar Brownsville, TN

Er rammelt iets in de auto. Ergens in het dashboard. Je hoort het rollen als je door een bocht gaat. Met een beetje gepiel kan ik erbij… Het is een klein plastic wasbeertje. Die vanaf nu door het leven gaat als onze mascotte. Dus heeft hij een naam nodig. Aangezien we hem in Memphis hebben gekregen, noemen we hem logischerwijs Elvis. En zie daar, de geboorte van!

Voordat we teruggaan naar Memphis, gaan we nog wat d-toeren door Mississippi. We nemen de 49 zuid, tot Indianola. Dan rechtsaf naar Greenville en weer naar het noorden over de 1. Helaas valt er nauwelijks iets te beleven onderweg. Dus kijken we, als de 1 ophoudt, maar weer eens in Arkansas. Via Helena langs Marianna naar Forrest City. Ook niks aan. Nou, dan de snelweg 40 naar Memphis maar.


Ondertussen in Mississippi

Typisch voor Mississippi

We zoeken onze weg naar Beale Street. Daar schijnt het allemaal te gebeuren in Memphis. Vlakbij Beale Street zien we een parkeerterrein, waar we voor $7,- tot 5 uur mogen staan. Het is nu 2 uur; de d-toer duurde wat langer dan Andy lief was… We lopen dus gauw naar Beale Street. Leuk! We passeren de kroeg van BB King en lopen het gezellige, autovrije straatje door. Hier zijn allemaal barretjes, restaurantjes, souvenirshops, terrasjes en pleintjes. En muziek: her en der spelen bandjes, duo’s of solisten lekkere muziek. Voornamelijk blues, natuurlijk. Erg leuk en erg gezellig. We zitten een tijdje in een park te luisteren naar een band.


Famous Beale Street

Famous Beale Street

Dan gaan we op zoek naar de Gibson fabriek. Daar maken ze gitaren. Gibson-gitaren. Die kun je kopen. En je kunt zien hoe die gitaren worden gemaakt. Voor $10,- per persoon. Zien hoe ze gemaakt worden, niet kopen natuurlijk. Ik ben met een bassist/gitarist getrouwd: raad eens wat we gaan doen? Klopt! We zijn precies op tijd voor de tour van 3 uur. We mogen prachtige veiligheidsbrillen opzetten en wandelen dan 3 kwartier lang door de fabriek. Onze gids legt uit hoe het allemaal werkt en hoe een stuk hout een Gibson-gitaar wordt. Best interessant.


Heerlijk, die muziek op straat

Of op een terrasje

Als we tegen vieren weer buiten staan, zien we dat het geregend heeft. Nu is het behalve erg warm ook lekker vochtig… We lopen nog een keer door Beale Street. We kijken naar het jochie dat door de straat saltoot (is dat een werkwoord?). En luisteren nog wat live blues. We twijfelen of we een schaakbord met muzikant-lopers zullen kopen. Toch maar niet. Want waar laten we het thuis? Denk dat de katten dan proberen schaak te spelen. Denk niet dat ze er goed in zijn.

We wandelen om het Peabody Hotel. Hier wonen een aantal eenden. Op het dak, in hun eigen hotel-op-een-hotel. Elke ochtend lopen deze eenden onder begeleiding naar de fontein in de lobby. En ‘s middags weer terug naar hun hotel. Dat doen ze over een rode loper en over hun eigen Walk of Fame. Schijnt een hele happening te zijn. We weten alleen niet precies hoe laat ze langskomen. Het paard dat voor de deur van Peabody staat stinkt. En wij zijn een beetje moe. Oftewel: we hebben geen zin om te wachten.


BB King’s kroeg

Quack of Fame

We gaan de auto opzoeken. Zijn we mooi net voor de spits de stad uit. Dat lukt, hoewel het toch wel druk is op de weg. Dus besluiten we nog een uurtje door te rijden, voorbij de drukte. Dan hebben we daar morgen geen last van. We rijden door tot we in Brownsville aankomen. Voor €78,46 nemen we een kamer in de Comfort Inn. We vragen de receptionist waar we goed kunnen eten. Nou, bij de benzinepomp zit een Huddle House Restaurant. Oh, is dat goed? Nou, het is oké. Behalve de geijkte fastfood restaurants is dit de enige optie. Ach, laten we het maar proberen. Ik heb nog nooit zo’n smerige schnitzel gehad! Maar met de salade, aardappelpuree, toast en koffie vult het, dus eten we dapper door.


FedExForum stadion

Honkbalstadion Autozone Park

We rijden nog even een rondje door het durp. Als we het durp tenminste kunnen vinden. Brownsville is nogal vreemd gebouwd. Niet zozeer een stad als allemaal plukjes gebouwen bij elkaar. We zien een Wal*Mart. We hebben geen tissues meer, dus gaan we maar even shoppen. En dan zie ik übercoole schoenen: knaloranje Dr. Martens-look-a-likes. Voor maar 5 piek! Andy concludeert voorzichtig: “Die ga je kopen, hè?” Yep, they’re mine! Voor Andy zien we een leuke winterjas en voor mij nog een fijne flanellen herenpyjamabroek. Oh, en tissues, natuurlijk.


Dag 14 – Zaterdag 25 september 2010

Weer: Warm en wat regen, 31c
Doel: Parijs & Land between the Lakes
Gereisd: Brownsville naar Harrisburg, 374 km
Hotel: Economy Inn, €45,51

Brownsville, TN naar Harrisburg, IL

Ons hotel biedt een prima ontbijt: biscuit & eggs & sausages & bagels & donuts & toast & waffles. Me like waffles! Lekker vers gemaakt. Goed, op pad maar. Vanuit Brownsville volgen we de 79 naar het noordoosten. We tuffen lekker door, tot in Paris. Paris? Mais oui! Hier staat de Eiffeltoren, logisch, en die willen we wel eens zien. We hebben wat moeite om het ding te vinden. Andy merkt op dat je ‘m toch ergens bovenuit moet zien steken.


We’re in Paris, baby!

Mini-mensjes spelen American Football

Als we ‘m gevonden hebben, snappen we waarom hij nergens bovenuit steekt: het gevaarte is maar liefst 18 meter hoog… We moeten er erg om lachen. En wat nog leuker is: Linda is op dit moment in Paris, Frankrijk.  Ze zou as we speak best eens het grote broertje van dit ding aan het beklimmen kunnen zijn. Dus bellen we even. Inderdaad, ze staat er bovenop!


En mini-mensjes moedigen aan

Dus daar.

Achter onze Eiffeltoren zijn sportvelden en daar zien we ieniemieniemensjes American footbal spelen. Inclusief ieniemieniecheerleadertjes. We blijven even kijken. Als we klaar zijn met aanmoedigen, gaan we naar het Land Between the Lakes. Da’s een natuurgebied tussen 2 grote meren in, op de grens van Tennessee en Kentucky. Ja, van de kip. We halen een folder bij het Welcome Center aan de zuidingang en rijden rustig naar The Homeplace.

Daar zie je hoe ze in 1850 leefden en (hand)werkten. Er staan allemaal oude houten gebouwen en mensen in kleding uit die tijd demonstreren het een en ander. De entree is vandaag gratis, in plaats van 4 piek pp. Het is heerlijk weer, lekker zonnig, dus kuieren we op ons gemak wat rond.


The Homeplace

Demonstratie van, eh, iets

We raken in de war als we een Amish gezin zien. Die zijn hier blijkbaar ook op bezoek. Hun kleding lijkt veel op dat van het personeel. Ja, zo weet je toch niet wie hier werkt en wie er op visite is?!

Als we uitgewandeld zijn, rijden we verder naar de Elk & Bison ranch. In een afgeschermd stuk park rij je voorzichtig met je auto tussen de bizons door. Niet langs de elks (dat zijn elanden), want die zien we helemaal niet. Zullen ook wel niet bestaan, net zoals de moose (een nog grotere eland).


The Homeplace

Bizons aan de wandel

Halverwege de route door dit gebied staan we opeens in Kentucky. Dat is de 11e en laatste staat van deze vakantie. Aan de noordkant van het park rijden we een rondje langs het Kentucky Lake en dan verlaten we dit mooie stukje natuur. Via de 641 en de 91 komen we bij een gratis pondje, dat ons aflevert in Castle Rock. Dat ligt aan de overkant van de Ohio River en in Illinois. En dat betekent dat we Kentucky alweer uit zijn.


Met het pontje over

En daar ligt Castle Rock in Illinois

We rijden nu door de Shawnee Hills, over de mooie bergen in dit zuidelijke puntje van Illinois. Via Karbers Ridge en Mitchelsville komen we in Harrisburg uit. Dat is een mooi punt om te stoppen voor vandaag. We nemen voor €45,51 een kamer in de Economy Inn en gaan een paar deuren verderop bij Morello’s eten. Het smaakt prima en is niet duur. En het is nog steeds heerlijk weer, dus eten we lekker buiten op het terras. Live is good.


Dag 15 – Zondag 26 september 2010

Weer: Ochtend zon, middag een bui
Doel: Sightseeing Zuid Illinois
Gereisd: Harrisburg naar O’Fallon, 325 km
Hotel: Quality Inn, €58,54

Harrisburg, IL naar O’Fallon, IL

Voor ons ontbijt rijden we door het stadje, op zoek naar iets fatsoenlijks. Helaas. Dan maar weer een Mac-breakfast. We zitten nog steeds in het zuidelijkste puntje van Illinois en het is hier groen en bergachtig. Er zijn dan ook diverse (natuur-)bezienswaardigheden. Daarom gaan we eerst hier een beetje sightseeën, voor we richting Chicago gaan.

Het schijnt dat de Garden of the Gods erg mooi is. Daarvoor rijden we een stukje terug naar het oosten en dan het zuiden, via de 13 en de 1. Daar aangekomen blijkt dat je een behoorlijk pittige wandeling moet maken om het moois te kunnen zien. Dat zit er bij ons niet in. Dus gaan we weer verder, door het Shawnee National Forrest. Via de 34 komen we op de 146 en die volgen we tot net voorbij Anna. Het is hier erg mooi en behoorlijk rustig.


Shawnee National Forest

Daar hebben ze een moeras

De 127 gaat noordwaarts en daar ergens ligt Little Grand Canyon. Denken we. We volgen braaf de bordjes, maar ergens gaat het blijkbaar mis, want na 10 mijl of zo beginnen we ons toch echt af te vragen waar het blijft. Het was immers maar 7 mijl rijden… We hebben geen idee. Ook niet van waar we nu eigenlijk zitten. Uiteindelijk zien we een bordje naar de 127, dus die volgen we maar. We rijden naar het noorden, tot we weer voorbij de afslag komen naar Little Grand Canyon… We hebben dus een aardig rondje gereden, zonder ons doel te bereiken. Nou ja, we hebben wel genoten van de omgeving, over de smalle, kronkelende bergweggetjes.

We rijden dus maar verder en verlaten dit natuurgebied. De 127 ontmoet de I-64 en die nemen we richting St. Louis, Missouri. In O’Fallon zien we een winkelcentrum, een Starbucks en bordjes naar motels. Mooi! We beginnen met shoppen en ik koop toch maar die leuke grijze laarsjes van Blowfish die ik al eerder heb staan bewonderen. Dan koffie bij Starbucks. Ik zit al lang en breed aan mijn toffee-mokka espresso en we vragen ons af waar Andy’s frappuccino blijft. Daar is iets niet goed gegaan, want zoveel werk is het nou ook weer niet om die ijskoffie in elkaar te flansen. Als ik ga vragen, blijkt dat ze ‘m inderdaad vergeten zijn en ik krijg meteen (zonder erom te vragen) een bon voor een gratis drankje. En de frappuccino, natuurlijk.


Dus nog een foto van het moeras

En van een landweggetje!

Na Starbucks zoeken we een motel. Laten we de Quality Inn eens proberen. De prijs is goed, € 58,54, en de kamer prima. Bovendien hoort Quality Inn bij de Choice Hotels. Daar heb ik toevallig een pasje van, zodat we met deze overnachting airmiles kunnen sparen. Altijd leuk. We hebben een Denny’s gezien en dat lijkt ons wel wat voor het avondeten. De bediening is niet al te vlotjes, maar het eten smaakt prima.

Terug op de kamer zoek ik op internet naar hotels in Chicago, voor onze laatste 2 nachten. Ik vind een Days Inn vlakbij het vliegveld, voor slechts € 79,61 totaal. Da’s niet duur, dus reserveer ik meteen. Is dat ook geregeld.


Dag 16 – Maandag 27 september 2010

Weer: Heerlijk! 22 graden
Doel: St. Louis en Route 66
Gereisd: O’Fallon naar Bloomington, 282 km
Hotel: Quality Inn, €59,63

O’Fallon, IL naar Bloomington, IL

Ach, laten we ook bij Denny’s gaan ontbijten. We hebben wel weer eens zin in een alles d’r op en d’r aan ontbijt. Het duurt weer even, net zoals gisteravond, maar dan heb je ook wat. Ik denk dat we er tot het avondeten wel tegen kunnen.


Even de Mississippi River oversteken

En dan zijn we in St. Louis!

We hebben besloten om een stukje van St. Louis te gaan bekijken. We zijn er nou toch! Daar hebben ze onder andere een enorme boog, waar je ook nog eens in kunt. Dus volgen we de I-64 verder naar het westen. We steken de Mighty Mississippi weer eens over en staan dan in Missouri. Want St. Louis ligt in Missouri. Al snel zien we de gigantische boog, of arch. En de skyline van de stad. We volgen de bordjes naar de arch en naar een parkeergarage, waar we voor $6,- kunnen staan.

We lopen door een mooi parkje langs de Mississippi River en naar de boog. Man, wat is dat ding groot! Daar is de Eiffeltoren niks bij! De Eiffeltoren in Paris, Tennessee bedoel ik. Om in de arch te kunnen, moeten we eerst door de beveiliging. Dan kopen we voor $10,- pp kaartjes om naar boven te kunnen. Dat gaat per “tram” en die van ons gaat om kwart voor 12. Da’s over een half uurtje. We mogen ons opstellen in rijen van 2 en krijgen een kaart met het nummer van ons rijtuigie. Wij zitten in 8 en da’s de laatste.


Uitzicht op de stad

Vanuit hele kleine raampjes

Er passen 5 mensen in een rijtuigie, dus delen we de onze met 2 meiden. Voordat we erin mogen, krijgen we een filmpje te zien met wat geschiedenis. De rit omhoog duurt ongeveer 4 minuten. En omhoog is: bovenin de boog, waar aan beide kanten smalle ramen een magnifiek uitzicht over de stad bieden. Volgens Andy wiebelt het ding. Hij wil weer naar beneden. Oh, oké. We krijgen weer een wagonnetje toegewezen en even later kunnen we terug. Dat gaat sneller – duh – namelijk 3 minuten.


Downtown St. Louis

The Old Courthouse

Eenmaal weer buiten genieten we in het park van het heerlijke weer. Dan zoeken we de auto en de I-55 op. We verlaten Missouri via de brug over de Mississippi en zijn dan terug in Illinois. Tot Springfield volgen we de I-55. Vanaf Springfield gaan we ons best doen om zoveel mogelijk de Route 66 te volgen. Jawel, DE Route 66, die van Chicago naar Los Angeles loopt. Tenminste, wat er nog van over is. Veel van deze wereldberoemde route is in de loop der jaren verdwenen.


Ouwe weg & ouwe pomp

A whole lotta…

Wij volgen het Illinois-deel en dat valt niet mee. Als we denken dat we verkeerd zijn gereden, zien we opeens een oude benzinepomp met allerlei Route 66 relikwieën. Leuk! We mogen er even rondkijken en foto’s maken.


Even bijtanken

En dan een ouderwetse versnapering

In Bloomington nemen we een kamer in de Quality Inn voor €59,63. We gaan op zoek naar de mall en naar iets te eten. In de mall hebben ze niets dat ons interesseert. Eten doen we vlakbij ons hotel, bij Popeye’s. Da’s een concurrent van KFC en wij vinden de kip er een stuk lekkerder, vooral de spicy. Het personeel is zo mogelijk net zo dom als bij KFC (is onze ervaring). Het jochie dat ons helpt is onverstaanbaar door z’n gemompel en hij vergeet steeds van alles. Sukkel. Gelukkig smaakt het eten goed.


Dag 17 – Dinsdag 28 september 2010

Weer: Alweer heerlijk, 21 graden
Doel: Route 66 en naar Chicago
Gereisd: Bloomington naar Chicago, 232 km
Hotel: Days Inn, €39,80

Bloomington, IL naar Chicago, IL

Voor het ontbijt gaan we weer eens naar Subway. Dan proberen we in Bloomington de Route 66 te vinden. Zonder succes. Het begint een beetje een vervelende route te worden. Dan maar de snelweg op, de I-55 richting Chicago. In Lexington doen we een nieuwe poging, want daar zou een Memorial Lane van de Route 66 zijn. Ook niet te vinden. Arghh. In Pontiac dan? Daar staat al bij de snelweg aangegeven dat er een Route 66-museum is. En zowaar, we vinden het!


Hey ho, let’s go!

Op weg naar Chicago

Het is een schattig klein museumpje met allemaal Route 66-zooi. De toegang is gratis. De bejaarde mevrouw van het museum vertelt dat er een meneer binnen is, die de hele route op zijn rug heeft getatoeëerd. Ze vindt dat we dat moeten zien en de meneer doet braaf zijn shirt uit. Niet eens lelijk. Terwijl we staan te kletsen, hoort een andere bezoekster dat we uit Nederland komen. Zij ook! Dat wil zeggen, ze is in 1981 naar Canada geëmigreerd. Ze spreekt nog steeds Nederlands en we praten een tijdje.

Ze is aan het verhuizen van Saskatchewan (been there) naar Nova Scotia (been there too) en heeft een route dwars door Amerika gekozen. Ze reist met een trailer en ze vertelt dat ze bij de grens van Canada naar Amerika ontzettend streng waren. Haar hele trailer is binnenste buiten gekeerd. Hee, dat was bij ons ook! Ook zij had dit nog nooit zo meegemaakt. Misschien is men op zoek naar iets of iemand? Als we later horen dat er dreigingen van aanslagen in Londen en Duitsland zijn in deze periode, vermoeden we dat ze daarom extra alert zijn.


Route 66 museum

De hele route op zijn rug

Goed, we rijden weer verder. Eerst een rondje door het durp, waar we her en der muurschilderingen zien en allemaal kleine autotootjes, leuk beschilderd. Met dit bezoek aan Pontiac en aan het museum vinden we dat we onze missie qua Route 66 wel hebben volbracht. We gaan dan ook geen moeite meer doen en volgen de I-55 verder naar Chicago. Vlak voor de stad nemen we de makkelijkste route en dat is over de 59 omhoog. Helaas zijn ze die deels aan het verbouwen, waardoor het niet bepaald opschiet. Maar uiteindelijk komen we bij onze afslag naar de 72 oost en na een tijdje zien we onze Days Inn.


Mooie muurschilderingen

En leuke autootjes

Het hotel is vlakbij het vliegveld, dus da´s handig voor donderdag, als we naar huis vliegen. Ja, donderdag alweer, de tijd is weer eens voorbij gevlogen. We halen daarom meteen maar de hele auto leeg en sjouwen alles naar onze kamer op de 1e. Waar de airco kapot is. Een monteur werpt een blik en besluit dat we beter kunnen verhuizen. Dus pakken we al onze zooi op en dumpen het in de kamer ernaast. Nou we toch alle zooi op onze kamer hebben, ga ik meteen maar de koffers opnieuw inrichten. Andy denkt niet dat alles past. Tuurlijk wel!


As I was saying…

Grappig toch?!

Zo, nou hebben we morgen de hele dag de tijd om Chicago te gaan verkennen. Voor het avondeten rijden we een stukje, maar komen niets anders tegen dan fastfood. Nou, dan maar weer eens Wendy´s. Ach, best okay.


Dag 18 – Woensdag 29 september 2010

Weer: Warm! 24 graden
Doel: Chicago verkennen
Gereisd: Met de metro naar Chicago
Hotel: Days Inn, €39,80

Chicago, baby!

Wat een leuke stad, Chicago! Wacht, dan vertel ik van onze avonturen daar. We zitten dus in een hotel links van het vliegveld Chicago O´Hare. Rechts van het vliegveld heb je een park & ride, op een CTA-parkeerplaats. Voor $4,- parkeer je je auto 12 uur lang. Dan stap je in de EL-train naar downtown Chicago. Een enkeltje kost $2,25 per persoon. Klinkt goed en werkt uitstekend. Het is ongeveer een half uurtje rijden naar de parkeerplaats aan Harlem Avenue. Daar hebben we de allerlaatste parkeerplek. We kopen een kaartje en leggen dat voor het raam.


The EL-Train

Half uurtje rijden

Zo, dat was deel 1. Voor deel 2 lopen we naar het station. Je kunt alleen met gepast geld betalen. Dat hebben we niet. Dus kopen we eerst 2 muffins, zodat we wisselgeld hebben. We halen de kaartjes uit de machine en gaan door de toegangspoortjes. Dan nog even wachten op onze Blue Line. Die komt al snel. Het is lekker rustig in de trein. Een half uurtje later staan we op Washington Avenue.


Icoon van de stad

Bundy’s Fontein

We lopen richting het Chicago Cultural Center, want ik heb gelezen dat ze daar gidsjes hebben van de kunst op straat. De bejaarde medewerker weet van niks. Hij zit er eigenlijk alleen om over het prachtige gebouw te vertellen. Dus dat doet ´ie. Fijn. Ik wil eigenlijk alleen een foldertje. Helaas, ik ontkom niet aan het hele verhaal. Waarschijnlijk ben ik de 1e en laatste persoon die hij deze maand eeuw week dag spreekt en daar maakt hij gebruik van. Andy is ondertussen iets voor zichzelf aan het doen.


Navy Pier Park

Dat zeg ik

Als ik eindelijk van hem af ben, gaan we verder. Zonder folder. We komen langs Dunkin´ Donuts. Da’s mooi, want we hebben nog niet gegeten. Dus ontbijten we dat daar.

We lopen naar het Millenium Park. Ha, wc´s, altijd leuk! In het Millenium Park kunnen we kaartjes kopen voor de hop-on-hop-offjes. We kopen 2 dagkaarten en 2 kaartjes voor Willis Tower (voorheen Sears Tower), voor $29,- en $14,- pp. Da´s totaal in eurootjes 65 piek voor ons 2-en.

We wachten tot er een hopje voorbij komt. Dat duurt even, maar we zitten lekker in het zonnetje. Als de bus komt, zoeken we plekje bovenop, achteraan. We genieten van deze mooie stad en natuurlijk van het heerlijke weer. Bij de Willis Tower gaan we eruit. Op naar de 103e verdieping! Dat gaat met een razendsnelle lift. Eenmaal boven hebben we een prachtig uitzicht over de hele stad. Maar nog leuker: er zijn glazen skydecks! Dat zijn glazen nissen die uit het gebouw steken en dus boven de stad hangen. Cool! Andy vindt van niet en die blijft op veilige afstand.


Een aanrader in Chicago

Zo’n ritje met de watertaxi

We bewonderen een tijdje het uitzicht en gaan dan weer naar beneden. We hebben bedacht dat we met de watertaxi naar het Navy Pier Park willen. Om bij de taxi te komen, moeten we 2 blokken lopen. Dachten we. Helaas blijkt dit de watertaxi te zijn die niet naar Navy Pier Park gaat…… Maar hij komt er vlakbij en aangezien we geen idee hebben waar de andere taxi vertrekt, stappen we in en betalen 2 piek pp voor het ritje. Het is een heerlijk tochtje over het water. Het weer is goed en de omgeving prachtig.

Op Michigan Avenue stappen we uit. Vanaf hier is het volgens de kapitein 10 minuten lopen, of we nemen op Rush Street de gratis trolley. Goed idee. Ware het niet dat die trolley niet meer rijdt, zo eind september. Die rijdt tot Labor Day, wat altijd de eerste maandag in september is. Het is al bijna oktober. Lopen vinden we geen strak plan, dus houden we een taxi aan. Die zet ons voor 5 piek af bij het Navy Pier Park. Dat is één groot attractie- en souvenirpark, beetje vergelijkbaar met de Santa Monica Pier in Los Angeles. We zijn er vlot uitgekeken.


Best hoog

Fenomenaal uitzicht

Er stopt net een hopje voor de deur, dus stappen we gauw in. Het is inmiddels al 4 uur geweest. Ik had nog graag naar het fotografiemuseum gewild, maar dat gaat om 5 uur dicht. Dus dat gaat niet meer lukken. Daarom genieten we maar van de rit terug. Onderweg komen we langs de fontein die je in de openingsscène van “Married with children” ziet. We rijden mee met de bus tot we weer bij Millenium Park uitkomen. In het park zit Park Grill, waar ze goede burgers schijnen te hebben. En dat klopt!


Daarom noemen ze het “The Bean”

En daar kun je leuk mee spelen

Na het eten lopen we door het park en bewonderen The Bean. Dat is een gigantisch glimmend kunstwerk dat eigenlijk “Cloud Gate” heet. Het is gemaakt door ene Anish Kapoor. Gezien de vorm van het ding noemt iedereen het echter The Bean.

Als we er uitgespeeld zijn, zien we dat het al 7 uur is. Tijd om terug te lopen naar het station aan Washington Avenue. We kopen weer 2 kaartjes voor de Blue Line, stappen in en zijn een half uur later terug bij onze auto.


Hoppa!

Tijd om terug te gaan

Nog een half uurtje rijden naar ons motel en dan kunnen we naar bed. We zijn namelijk aardig moe. Het was een heerlijke dag en Chicago is erg leuk. Minstens zo leuk als New York en zeker een aanrader! Ik check online in voor onze vlucht morgen en dan gaan we plat.


Dag 19 – Donderdag 30 september 2010

Weer: Warm in Chicago en in NL
Doel: Terug naar huis
Gereisd: Chicago-Dublin-Amsterdam-huis
Hotel: Huize Eysbroek

Terug naar huis

Tijd om weer naar huis te gaan… Sucks! Maar ´t is niet anders. Dus: inpakken en wegwezen. We vliegen pas om 6 uur en we moeten onze auto voor 4 uur inleveren, dus we hebben nog een behoorlijke tijd te doden. Wat zullen we eens uitvreten? Naar downtown is geen goed plan, want dan wordt het waarschijnlijk stressen en daar houden we niet van. Iets in de buurt dan? Winkelen? Ach, waarom ook niet, we hebben toch al overgewicht. Dus zoeken we een mall in de buurt.


Reclamefilmpje voor Verizon

We begrijpen het niet zo goed

De dichtst bijzijnde heeft niet echt leuke winkels. Maar wel: filmopnames! Soort van. Er wordt iets van een reclamefilmpje opgenomen voor Verizon mobiel netwerk. We zien een hoop acteurs maar geen camera’s. Of zouden ze met die mobieltjes filmen? Tja, kan. We blijven kijken tot ze klaar zijn. Hmm, niet echt overtuigend. Wij blijven wel bij Vodafone.

We gaan maar eens richting vliegveld. Hee, volgens de kaart zijn we vlakbij een Mc Donalds museum… En jawel, we zien een leuk nostalgisch gebouwtje, dat één van de eerste Mc Donaldjes schijnt te zijn. Helaas is het na Labor Day gesloten.


De eerste Mc Donalds

Nu een museum. Dat dicht is vandaag.

Tja, nu kunnen we echt niks meer verzinnen om uit te vreten, dus gaan we maar richting vliegveld. Eerst de auto inleveren, dan met de shuttlebus naar het vliegveld. We checken onze bagage in. Goh, 1 koffer is te zwaar… We hadden al een vermoeden dat we teveel gekocht hebben en inderdaad, 1 koffer is 7 kilo te zwaar. Daar hadden we rekening mee gehouden en we hadden vooraf gevraagd wat overgewicht kost: $50,-. We geven braaf onze credit card af om dat te betalen. We zijn al ingecheckt maar hebben geen boarding passen uit kunnen printen. Dus krijgen we die nu ook meteen. Als we door beveiliging willen, staat er een immense rij. Geen idee waarom. Een Pools/Amerikaanse man achter ons vermaakt ons tijdens het wachten met grapjes en verhalen.


The good old days

Toen een hamburger 10 cent kostte

Nou, verder is het hetzelfde verhaal als altijd: boarden, in Dublin overstappen, op beide vluchten ons groen en geel irriteren aan het jankende kleine grut vlakbij ons. Die van de 1e vlucht resulteert denk ik in een echtscheiding. Pa en ma zitten zo ver mogelijk uit elkaar, met elk de zorg over 1 kind. Ze bemoeien zich niet met elkaar en niet met het andere kind, want er is een duidelijke taakverdeling. Pa heeft heel wat meer werk aan het irritante 2-jarige jochie. Moe heeft de zorg over de baby, dus helpt ze pa niet uit de brand. Gezellig huwelijk!


Chicago O’Hare Airport

Daar gaan we weer

In Amsterdam pikken we onze bagage op en dan kunnen we naar huis. Lekker nagenieten!


Epiloog

Hoewel we mooie dingen hebben gezien, was dit niet de meest spannende vakantie voor ons. Sommige stukken waren eigenlijk best wel saai. Maar er waren ook genoeg uitzonderingen. Het gebied rondom Lake Michigan is mooi. Holland is grappig, met de molen en de klompen. Ook leuk dat hier een grote Amish gemeenschap is. Qua natuur is de bovenkant van Michigan aan te bevelen. Erg mooie omgeving.

Van de 11 staten waar we door zijn gereisd, was Iowa een verrassing. Ik dacht dat dat de saaiste staat zou zijn, maar het bleek na Michigan de mooiste te zijn. Oh wacht, ook de katoenvelden in Mississippi waren prachtig. Het was oogsttijd en de velden stonden vol met de witte bollen. Met de zon erop leek het zelfs wel zilver.

En dan de steden. Die waren erg leuk. Memphis is gezellig, vooral als je van muziek houdt. Een bezoek aan Graceland mag je daar niet overslaan. Ook een rondleiding door de Gibson fabriek is een aanrader. De echte muzikanten brengen ook een bezoekje aan Clarksdale – The Crossroads. St. Louis was leuk en vooral de Gateway Arch met het uitzicht was fenomenaal. Ik zou niet speciaal naar St. Louis gaan, maar als je in de buurt bent…

En dan natuurlijk Chicago. Dat vonden we geweldig! Misschien wel leuker dan New York. Wij willen er zeker nog eens naar terug. Aangezien Chicago O’Hare vaak een overstap hub is op vluchten naar het westen, kan ik een stopover hier dan ook van harte aanbevelen.

Oh, en we waren natuurlijk nog even in Canada. We zagen een glimp van de provincies Ontario en Manitoba. We liked what we saw!


We hebben bijna in een rechte lijn van Canada tot in Mississippi gereden. Onderweg hebben we maar liefst 11 staten en 2 Canadese provincies aangedaan. Zo komt ons totaal van bezochte staten op 38. En van de 10 Canadese provincies hebben we er nu 9 bezocht. Maar…. nog steeds een paar te gaan!

Facts & Figures
Continent Noord-Amerika
Hoofdstad Washington DC
Regeringsvorm Federatie
Grootte tov Nederland 236,54 x groter (9.826.675 km2)
Aantal inwoners 324 miljoen / 33 per km2
Beste reistijd Hele jaar, ligt eraan waar je naartoe gaat
Visum nodig? Ja, voor vertrek regelen
Visum kosten $14,- per visum
Tijdsverschil met Nederland Verschilt per deel, tussen 3 en 12 uur vroeger
Munteenheid Amerikaanse dollar (USD): 1 dollar = €0,89
Taal Engels (Amerikaans)
Facts & Figures
Continent Noord-Amerika
Hoofdstad Ottawa
Regeringsvorm Koninkrijk
Grootte tov Nederland 240,35 x groter (9.984.670 km2)
Aantal inwoners 35,6 miljoen / 3,6 per km2
Beste reistijd Maart tot en met oktober
Visum nodig? Ja, voor vertrek regelen
Tijdsverschil met Nederland Verschilt per deel, tussen 4,5 en 9 uur vroeger
Munteenheid Canadese dollar (CAD): 1 dollar = €0,66
Taal Engels en Frans

Reacties zijn afgesloten.